Verkiezingsprogramma
GOB 2006-2010
|
| |
"Eenheid,
Balans en Kwaliteit" |
| |
| |
1. INLEIDING |
|
| |
2. DE INDIVIDUELE DIENSTVERLENING AAN DE INWONERS |
|
| |
|
2.1 Algemeen |
|
| |
|
2.2 Geen ergernis maar service |
|
| |
|
|
2.2.1 Telefonische bereikbaarheid |
|
| |
|
|
2.2.2 Postafwikkeling |
|
| |
|
|
2.2.3 Electronische dienstverlening |
|
| |
|
|
2.2.4 Handhaving lokaties stadswinkels |
|
| |
|
2.3 Vergroten van leefbaarheid |
|
| |
|
|
2.3.1 Wijkserviceteams |
|
| |
|
|
2.3.2 Zwerfvuil |
|
| |
|
|
2.3.3 Milieuparken |
|
| |
|
|
2.3.4 Verenigingen en instellingen, het cement van de samenleving |
|
| |
|
|
2.3.5 Communicatie met de inwoners |
|
| |
3. VISIE OP WIJKGERICHT WERKEN |
|
| |
|
3.1 Bundeling van krachten in de wijken |
|
| |
|
3.2 Voorzieningenniveau in de wijken |
|
| |
|
3.3 Vertaling wijkgericht werken naar beleidsterreinen |
|
| |
|
3.4 Multifunctionele accommodaties |
|
| |
|
3.5 Woningbouw |
|
| |
|
3.6 Speelvoorzieningen |
|
| |
|
3.7 Onderhoud en subjectief onveiligheidgevoel |
|
| |
4. STEDELIJKE ONTWIKKELING |
|
| |
|
4.1 Stadscentra |
|
| |
|
4.2 Mobiliteitsbeleid |
|
| |
|
4.3 Evenementenbeleid |
|
| |
|
4.4 Visie op onderwijs |
|
| |
|
4.5 Veiligheid |
|
| |
|
|
4.5.1 Algemeen |
|
| |
|
|
4.5.2 Gebruiksvergunningen en handhaving |
|
| |
|
|
4.5.3 Brandweer |
|
| |
|
|
4.5.4 Misdaadbestrijding, zware criminaliteit en drugsoverlast |
|
| |
|
|
4.5.5 Openbare veiligheid |
|
| |
|
|
4.5.6 Subjectieve of beleefde onveiligheid |
|
| |
|
4.6 Middengebied tussen Sittard en Geleen |
|
| |
|
4.7 Werkgelegenheid |
|
| |
|
4.8 Auto-industrie en logistiek |
|
| |
|
4.9 Graetheide |
|
| |
|
4.10 Natuur en landschap |
|
| |
|
4.11 Grensmaas |
|
| |
5 SOCIAAL BELEID |
|
| |
|
5.1 Wet Maatschappelijke Ondersteuning |
|
| |
|
5.2 Mensen met een functiebeperking |
|
| |
|
5.3 Senioren |
|
| |
|
5.4 Armoedebeleid |
|
| |
|
5.5 Maatschappelijke opvang |
|
| |
|
5.6 Prestatieafspraken woningcorporaties |
|
| |
|
5.7 Gezondheidszorg |
|
| |
6. SAMENWERKING OP (EU)REGIONAAL EN ZUID-LIMBURGS NIVEAU |
|
| |
7. FINANCIEEL PERSPECTIEF |
|
| |
|
7.1 Financiële situatie verre van rooskleurig |
|
| |
|
7.2 Moeilijke keuzes voor het ambitieniveau van de stad |
|
| |
|
7.3 Terughoudend belastingbeleid
|
|
| |
| |
| |
|
|
| |
1. INLEIDING |
|
| |
De politieke groepering GOB functioneert vanuit de kernbegrippen Geloofwaardig,
Open en Betrouwbaar ten behoeve van de
belangen van de inwoners van de gehele stad. Leidend daarbij is
een integere en transparante
overheid, waar de inwoners vertrouwen in
hebben. De kandidaten van het GOB zullen hun handelen baseren op
de principes van Eenheid,
Balans en Kwaliteit. Daarmee aangevende
dat het GOB gaat voor de gehele stad met daarbinnen de eigen identiteit
van de diverse kernen,
buurten en dorpen. Uitgangspunt daarbij
is een deskundige inbreng, die voldoet aan de maat van de tweede
stad van Limburg.
Het verkiezingsprogramma van het GOB is
gebaseerd op deze belangrijke principes en gaat dan ook uit van
een viertal niveaus waarop de gemeente Sittard-Geleen moet functioneren.
Dit zijn de individuele dienstverlening
aan de inwoners, een nieuwe visie op wijkgericht werken, de stedelijke
ontwikkelingen en tenslotte de samenwerking op (eu)regionaal en
Zuid Limburgse schaal. Hierbij hanteert het GOB het uitgangspunt
dat de dienstverlening en de wijken op orde dienen te zijn, alvorens
draagvlak ontstaat voor ontwikkelingen op stedelijk en bovenstedelijk
niveau. Met name onze inwoners hechten groot belang aan het op
orde zijn van de dagelijkse leefomgeving en de adequate afhandeling
van verzoeken en klachten. De stedelijke en bovenstedelijke ontwikkelingen
vinden hun oorsprong in de regionale functie die onze stad heeft.
Hierbij wordt gedacht aan woningbouw, mobiliteit en werkgelegenheid.
Het GOB is van mening dat deze laatste opgaven de laatste jaren
niet in evenwicht zijn met de ontwikkelingen op wijk en individueel
niveau. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2. DE INDIVIDUELE DIENSTVERLENING AAN DE INWONERS |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
2.1 Algemeen |
|
| |
Het gezicht van de gemeente voor de burger, vereniging of instelling wordt in
belangrijke mate bepaald door de dienstverlening
van de gemeente aan die burger, vereniging of instelling. Vooral
voor de burger
dient de dienstverlening een hoge tevredenheidfactor
te hebben. Immers hij betaalt hiervoor via de belastingen. Als
de dienstverlening
niet in orde is zal bij de burgers ook
minder draagvlak zijn voor stedelijke of bovenstedelijke ontwikkelingen.
Het is duidelijk dat de gemeente Sittard-Geleen
er niet in is geslaagd voor haar inwoners van Sittard, Geleen en
Born een voldoende te halen voor dienstverlening. Integendeel,
de inwoners ervaren de dienstverlening van de gemeente als een
afkalvende taak. Bovendien wordt de vermindering van het niveau
niet of onvoldoende uitgelegd. Er zal in de komende raadsperiode
zwaar moeten worden ingezet op de relatie burger-gemeente, ofwel
cliënt-dienstverlener. Service geven en service krijgen geeft een
goed gevoel naar beide zijden. Het GOB wil zowel burgers als overheid
dat goede gevoel geven. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.2 Geen ergernis maar service |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
2.2.1 Telefonische bereikbaarheid |
|
| |
De telefonische bereikbaarheid van de gemeente is onder de maat. Ondanks vele
maatregelen, technische aanpassingen,
callcenter, cursussen voor ambtenaren is het vaak een
crime om telefonisch ambtenaren dan
wel afdelingen te bereiken. Ons inziens
heeft dit probleem niet alleen te maken
met techniek maar ook met attitude. Het
gemis aan betrokkenheid en verantwoordelijkheid
voor de service aan de burger speelt
hier een rol. Het GOB is er voorstander van de telefoonlijst
met de doorkiesnummers van alle ambtenaren
op de website te plaatsen. Ook op ontvangstbevestigingen
van brieven dient voortaan het telefoonnummer
van de behandelende ambtenaar te worden
vermeld. Hierbij kan worden vermeld dat
de ambtenaren tussen 9.00 en 12.00 uur
rechtstreeks bereikbaar zijn. Na 12.00
uur kan dan het callcenter weer worden
ingeschakeld. Hierdoor kan men rechtstreeks de betreffende ambtenaar
bellen en draagt de gemeente een open
houding
uit. De inwoners zijn immers de klanten ! |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.2.2 Postafwikkeling |
|
| |
Hetzelfde kan gezegd worden van de postafwikkeling. Ook hier blijven zich problemen
voordoen. Het signaal van de inwoners dat
zo vaak brieven zoek zijn, geeft een berusting
weer. Dit is onacceptabel. Er horen op
een overheidsinstelling geen brieven zoek
te zijn. En uit betrokkenheid met haar
burgers dient de gemeente een betrouwbaar
intern postsysteem te hebben. Het GOB is van mening dat brieven
van inwoners uiterlijk binnen 4 weken afgehandeld
moeten zijn. Als de afhandeling langer
duurt, dient een tussenbericht gestuurd te
worden. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.2.3 Electronische dienstverlening |
|
| |
Extra aandacht dient uit te gaan naar de elektronische dienstverlening aan de
inwoners. Ongeveer 60 % van de inwoners
is in het bezit van een computer met internetverbinding.
Door meer diensten elektronisch
aan te bieden kan de dienstverlening versneld
worden. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.2.4 Handhaving lokaties stadswinkels |
|
| |
De stadswinkels dienen in alle drie de stadsdelen te worden gehandhaafd. Korte
afstanden naar de dienstverlenende balie
zijn voor de burger een serviceverlening
die telt. Men zal dat ook ervaren als het
volwaardig meetellen als stadsdeel. Een verdere aantasting
van het serviceniveau van de stadswinkels
is voor het GOB onbespreekbaar. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.3 Vergroten van leefbaarheid |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
2.3.1 Wijkserviceteams |
|
| |
In de wijken dienen serviceteams te komen. Dit kan in de vorm van vaste onderhoudsploegen.
De inwoners stellen een aanspreekpunt
kort bij huis op prijs. Als men vaste teams in de wijken heeft,
dan
zijn de onderhoudsmedewerkers
makkelijk en laagdrempelig aanspreekbaar.
Door middel van een bonnensysteem kunnen
de inwoners klachten snel doorgeven en oplossen. Bovendien
kennen de leden van zo’n team de buurt
goed waar zij werken. Zodoende kunnen
zij ook misstanden snel vaststellen en signaleren. Het GOB
is ervan overtuigd dat de betrokkenheid
van zowel de burgers als de ambtenaren
bij hun wijk hierdoor sterk zal worden vergroot.
Het dagelijks onderhoudsniveau van trottoirs,
groen en speelvoorzieningen kan hierdoor
worden verhoogd. Ook de verspreid liggende uitwerpselen
van honden zijn een bron van overlast.
De gemeente dient daarom het hondenbeleid
nader vorm te geven middels gedragsregels en voorzieningen.
Elkaar aanspreken op ongewenst gedrag
is de doelstelling van deze aanpak. Voorts wordt verwezen naar
de
vis ie op wijkgericht werken. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.3.2 Zwerfvuil |
|
| |
Een van de grote ergernissen bij veel burgers de laatste jaren is de enorme
toename van zwerfafval. Door de inzet van
wijkteams kunnen dumpplaatsen snel worden
gelokaliseerd. Een ander middel om het zwerfafval terug
te dringen ziet het GOB in de uitbreiding
van de service om gratis grof tuinafval
aan te bieden. De ophaalrondes dienen met 2 te worden
uitgebreid of de mogelijkheid moet worden
geboden 2 weken per jaar gratis grof tuinafval
aan te bieden op de milieuparken. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.3.3 Milieuparken |
|
| |
De milieuparken zijn ook een servicepunt van de gemeente. Het GOB wil absoluut
drie milieuparken in stand houden. Alle
3 de stadsdelen dienen een eigen milieupark
te hebben met een gelijke weeginrichting.
Bij het aanbieden van afval horen geen
frustraties, maar een service waardoor
men er zelfs niet over peinst het afval te dumpen. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.3.4 Verenigingen en instellingen, het cement van de samenleving |
|
| |
Een ander aandachtspunt bij de dienstverlening is de service aan de verenigingen
en instellingen. Het is onvoorstelbaar
met hoeveel vergunningen verenigingen en instellingen worden geconfronteerd
bij het organiseren
van een evenement. Men raakt snel het spoor
bijster. Het GOB wil voorkomen dat de papieren rompslomp het organiseren
van activiteiten
in de weg staat. Daarom dient de lijst
van benodigde vergunningen voor allerlei activiteiten goed onder
de loep worden gehouden.
Het aanvragen van een gebruiksvergunning
voor een
activiteit die gehouden wordt in een locatie
die al een gebruiksvergunning heeft lijkt het GOB overbodig. Het
GOB wil dat er één aanspreekpunt komt voor de verenigingen en instellingen.
Het GOB vindt de verenigingen en instellingen met al hun vrijwilligers
en leden zo belangrijk, dat zij een apart servicepunt verdienen,
waarbij ondersteuning maar zeker instandhouding hoog in het vaandel
dient te staan. De verenigingen en instellingen bieden immers de
mogelijkheid tot de door de inwoners gekozen, al dan niet gezamenlijke,
vorm van ontspanning. Hier maakt men het cement voor de maatschappij,
verdraagzaamheid, respect voor elkaar en samenwerking kan hier
als basis voor de samenleving, door iedereen worden ervaren. Het
GOB steunt alle verenigingen en instellingen binnen onze stad die
hieraan bijdragen en zal zich bijzonder inzetten voor het instandhouden
van deze verenigingen en instellingen, alsmede voor de noodzakelijke
en betaalbare voorzieningen. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
2.3.5 Communicatie met de inwoners |
|
| |
Uitermate belangrijk volgens het GOB is de communicatie met de inwoners. Communicatie
is een tweezijdig begrip. Dat betekent
niet alleen de inwoners informeren, maar
ook iets doen met de signalen die de inwoners
geven. Het is belangrijk om maatschappelijke
ontwikkelingen vroegtijdig te onderkennen,
zodat daar tijdig op ingespeeld kan worden. Daarnaast
zullen de instrumenten zoals raadplegend
referendum, burgerinitiatieven op wijkniveau
en enquêtes ingezet moeten worden om vast te stellen
wat er leeft in de stad. Meer aandacht
dient te zijn voor een adequate bezorging
van de weekbladen, waarin het nieuws van de gemeente
staat. En tenslotte is het belangrijk het
instrument inspraak in een volwaardige
procedure te brengen, op een dusdanige manier dat
het college of de gemeenteraad kennis hiervan
kan nemen en de juiste afweging kan maken.
Bij dit alles is het GOB van mening dat voldoende
waarborgen gecreëerd moeten worden ten
behoeve van de levensvatbaarheid van de
publieke omroep START. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
3. VISIE OP WIJKGERICHT WERKEN |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
3.1 Bundeling van krachten in de wijken |
|
| |
Behalve de verbetering van de dienstverlening aan de inwoners, is de visie op
wijkgericht werken ook toe aan een volgende
stap van ontwikkeling. Het GOB constateert
dat de maatschappelijke ontwikkelingen ten
aanzien van het thema gemeenschapszin het
noodzakelijk maken om alle instanties en
instellingen die in de wijken werkzaam zijn,
te bundelen met de bedoeling de individuele
en collectieve problematiek in de wijk
op te lossen. Hierbij denkt het GOB aan een fysieke
en een functionele bundeling van krachten
in het belang van de inwoners van onze stad. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
3.2 Voorzieningenniveau in de wijken |
|
| |
Het voorzieningenniveau in de diverse wijken, kernen en dorpen daalt zienderogen.
Daarom is het GOB voorstander van een fysiek
ontmoetingspunt voor de inwoners in elke wijk of voor meerdere
wijken samen. Daarbij
wordt gedacht aan een gemeenschapshuis,
een school, een huisarts en dergelijke. Dit ontmoetingspunt voor
de inwoners vervult een
centrale rol voor het aanbod en de samenwerking
tussen de verschillende actoren in de wijk. Bij voorkeur dient
een concept van de brede
school te worden uitgewerkt, bijvoorbeeld
een basisschool met peuterspeelzaal, voor-, tussen- en naschoolse
opvang en jeugdzorg. Een verdere uitbreiding
tot multifunctionele accommodatie behoort
eveneens tot de mogelijkheden. Hierbij wordt gedacht aan een servicepunt
van de stadsdeelmanager,
een bankloket of pinautomaat en een bibliotheekvoorziening.
Door middel van het bundelen van fysieke
voorzieningen neemt automatisch de mogelijkheid toe van afstemming
en vroegtijdig opsporen van functionele problemen van de inwoners.
Door een breed aanbod en goede samenwerking kunnen preventieve
acties worden uitgevoerd op het gebied van opvoedingsondersteuning,
jeugdgezondheidszorg, jeugd- en jongerenwerk, maatschappelijke
ondersteuning, thuiszorg en verdere ondersteuning van ouderen.
Maar ook advisering over gemeentelijke zaken, zoals de Wet Maatschappelijke
Ondersteuning, armoedebestrijding en werk en inkomen.
Op die manier kan een netwerk ontstaan
waar aandacht is voor de samenwerking tussen instanties en instellingen
die zich bezig houden met het totale welzijn van de gehele gemeenschap. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
3.3 Vertaling wijkgericht werken naar beleidsterreinen |
|
| |
De volgende stap in deze ontwikkeling is dat vanuit deze wijkbenadering ook
de vertaling plaatsvindt naar andere beleidsterreinen,
zoals wijkeconomie, verbetering van de
veiligheid en natuurlijk de bevordering
van een leefbare woonomgeving. Het idee van
het GOB om mensen zonder werk in te zetten
als toezichthouder in de openbare ruimte
bevordert in elk geval de veiligheid en leefbaarheid
enerzijds en het gevoel van eigenwaarde
bij de mensen die geen werk hebben anderzijds.
Vanuit de redenering dat mensen in de wijk
zich ook voor de wijk inzetten, zal de
gemeenschapszin toenemen en zullen nog
meer initiatieven ontstaan die de waardering voor het verenigingsleven
vergroten. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
3.4 Multifunctionele accommodaties |
|
| |
Naast de hiervoor geformuleerde visie op wijkgericht werken, is het noodzakelijk
om te zorgen voor een adequaat voorzieningenniveau
in de diverse wijken, kernen en dorpen van onze stad. In het op
te stellen masterplan
accommodatiebeleid zal hiermee rekening
gehouden moeten worden.
Het is belangrijk dat voldoende faciliteiten
beschikbaar zijn ten behoeve van het verenigingsleven, zoals gemeenschapsaccommodaties
en sportvoorzieningen. Hierbij heeft de gemeente een directe verantwoordelijkheid.
Het provinciaal bestuur wil de gemeenten financieel ondersteunen
bij het beleid om te komen tot vitale kernen. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
3.5 Woningbouw |
|
| |
Uitermate belangrijk is de mogelijkheid van doorstroming van jonge starters
in de eigen kern. Dit betekent dat uitbreiding
van woningbouw voor starters enerzijds
en senioren anderzijds hoofdpunt van beleid
moet zijn. Het GOB heeft aangegeven bereid
te zijn om de grenzen van de kernen op
te rekken, in die gevallen waar binnen de kernen
geen ruimte voor woningbouw aanwezig is. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
3.6 Speelvoorzieningen |
|
| |
Meer aandacht dient uit te gaan naar adequate speelvoorzieningen in de wijken.
Deze dienen niet alleen veilig te zijn,
maar ook afgestemd op de leeftijdsopbouw
van de wijk. Dit geldt eveneens voor de
locaties, waar dergelijke voorzieningen worden gesitueerd.
Het GOB is voorstander van een gevarieerd
aanbod van ontmoetingsplekken voor onze
jeugd in de leeftijd van 12 tot 18 jaar. Daarnaast
dient extra aandacht te zijn voor het oplossen
van de lange wachtlijsten bij onder meer
het bureau Jeugdzorg. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
3.7 Onderhoud en subjectief onveiligheidgevoel |
|
| |
Voor wat betreft het dagelijks onderhoud en de beleefde onveiligheid in de dagelijkse
leefomgeving wordt verwezen naar het onderdeel
dienstverlening aan de inwoners en het
onderdeel de stedelijke ontwikkeling. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4. STEDELIJKE ONTWIKKELING |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
4.1 Stadscentra |
|
| |
De raad van de gemeente Sittard-Geleen heeft raadsbreed de ontwikkelde stadsvisie
goedgekeurd. In de stadsvisie is de keuze
vastgelegd dat Sittard tot een stedelijk
ontmoetingscentrum zal worden ontwikkeld en Geleen
tot een stedelijk servicecentrum. Het
GOB is van mening dat uit deze keuze voortvloeit dat de bijbehorende
functies zoals beschreven
in het Kolpronrapport ook daadwerkelijk
in de betreffende stadsdelen worden gerealiseerd.
Voor Sittard
betekent dit versterking van
de rol van het MKB, het verbreden van
het aanbod van de detailhandel en horeca, de ontwikkeling van
de Dobbelsteen
( zoals de Hogeschool
Zuyd en culturele functies) en versterking
van de cultuurhistorische elementen.
De functie van Sittard als onderwijsstad dient gestimuleerd
te worden. Dit betekent tevens dat naast
de aandacht voor woningbouw voor ouderen
en starters, aandacht dient te zijn voor studentenhuisvesting.
Voor beide stadscentra geldt dat er aandacht
dient te zijn voor het realiseren van
betaalbare woningen. Het
stadscentrum van Geleen dient kwalitatief versterkt te worden door een klein compact centrum
te realiseren en winkels midden in het
centrum te concentreren. Ook hier dient de rol van het MKB versterkt
te worden. Voorts dient
het centrum van Geleen te worden gepromoot
als stedelijk servicecentrum. De levendigheid in het centrum
van Geleen kan bevorderd worden
door het vestigen van dienstverlenende
bedrijven en organisaties in het centrum van Geleen. Dit betekent
nadrukkelijk dat de gemeentelijke
diensten overwegend in het centrum van
Geleen gevestigd dienen te worden, waarbij er voor gekozen zou
kunnen worden om het bestuurscentrum
in de Dobbelsteen te Sittard te vestigen
en de overige gemeentelijke diensten in het centrum van Geleen.
Daarnaast denken wij onder
andere aan de vestiging van CWI, PIW
en het hoofdbureau van politie in het centrum van Geleen. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.2 Mobiliteitsbeleid |
|
| |
Met name voor het stadscentrum van Sittard dient de bereikbaarheid verbeterd
te worden. In de eerste plaats moet het
openbaar vervoer geoptimaliseerd worden,
voorts dient het langzaam verkeer gestimuleerd
en het autoverkeer gereguleerd te worden. Voor beide stadscentra
dient het parkeerbeleid afgestemd te worden
op de voor het betreffende
stadscentrum gekozen
functies. Naast de verbetering van de verbindingen
tussen de kleine kernen, door bijvoorbeeld
een ringverbinding, dient het openbaar
vervoerbeleid gericht te zijn op de betere
bereikbaarheid van de beide stadscentra.
Hierbij kan de autoluwe Rijkswegboulevard
een
belangrijke rol spelen. Tenslotte lijkt
een evaluatie van de aanleg van de 30 km-zones
en de effecten daarvan, op zijn plaats. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.3 Evenementenbeleid |
|
| |
Het evenementenbeleid dient nog meer gericht te zijn op het afbouwen van de
uitvoerende gemeentelijke rol naar een
meer stimulerende en subsidiërende rol. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.4 Visie op onderwijs |
|
| |
Sittard-Geleen noemt zich op dit moment nog steeds “onderwijsstad” maar wel
zonder visie en ambities. Hoge ambities
en randvoorwaardelijke optimalisering van schoolgebouwen is
nodig om het onderwijs van het Primair
Onderwijs tot en met het Hoger Beroeps Onderwijs in deze grote
stad te behouden en te ontwikkelen. Het GOB is van mening dat daartoe
een integrale onderwijsvisie zal moeten worden geformuleerd waarbij
aanbod, huisvesting, ontwikkeling tot verbrede scholen en evenwichtige
spreiding kernwoorden dienen te zijn. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.5 Veiligheid |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
4.5.1 Algemeen |
|
| |
Landelijk heeft een aantal gebeurtenissen er toe geleid dat veiligheid een nadrukkelijke
rol heeft gekregen bij de inwoners en daarmee
ook bij de politiek. Wij zijn ons in Nederland
gaan realiseren dat we gemiddeld genomen
te weinig maatregelen hebben getroffen
om rampen, zware ongevallen en wellicht
ook brand te voorkomen. Ook de misdaadbestrijding,
met name de bestrijding van de zware criminaliteit,
maar ook de drugsoverlast is steeds nadrukkelijker
in de publieke en politieke
belangstelling komen te staan. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.5.2 Gebruiksvergunningen en handhaving |
|
| |
Inmiddels is door de gemeente Sittard-Geleen sterk ingezet op het proces dat
moet leiden tot de afgifte van de vereiste
gebruiksvergunningen en het op een aanvaardbaar
niveau brengen van de handhavinginspanning.
Het GOB is van mening dat zowel voor wat
betreft de criteria voor de afgifte van
gebruiksvergunningen, als de criteria voor
het handhavingniveau het landelijk beleid gevolgd dient te worden. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.5.3 Brandweer |
|
| |
Onderzoek heeft uitgewezen dat, gelet op het risicoprofiel van Sittard-Geleen,
de repressieve slagkracht vergroot dient
te worden. E.e.a. heeft geleid tot het
voornemen de beroepsbrandweer uit te breiden. Het
GOB is van mening dat er sterker dient
te worden ingezet op het uitbreiden van
de vrijwillige brandweer en zeker niet overgegaan
moet worden tot inkrimping van de vrijwillige
brandweer. De keuze voor het zeven kazerne
model in de Westelijke Mijnstreek is voor
het GOB slechts richtinggevend, omdat bij
deze keuze nog niet de financiële afweging
betrokken is. Met andere woorden de keuze voor
het bouwen van een nieuwe brandweerkazerne
dient geplaatst te worden in het totale
financiële perspectief van de gemeente Sittard-Geleen. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.5.4 Misdaadbestrijding, zware criminaliteit en drugsoverlast |
|
| |
Het wordt steeds belangrijker om aangaande de misdaadbestrijding, zware criminaliteit
en drugsoverlast te komen tot samenwerking
op regionaal, boven regionaal en internationaal
niveau. Met name denken we hier aan
de gedigitaliseerde informatie uitwisseling
en afstemming tussen alle betrokken partijen.
Het GOB is van mening dat de misdaadbestrijding,
bestrijding van zware criminaliteit en
drugsbestrijding een gezamenlijke taak
is van gemeente, politie en justitie. Het
coffeeshopbeleid dient nader onder de loep genomen te worden.
De gemeente is vooral aanspreekbaar op
haar coördinerende taak. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.5.5 Openbare veiligheid |
|
| |
Natuurlijk heeft de gemeente, daar waar het gaat om het voorkomen van verstoring
van de openbare orde en het waarborgen
van de openbare veiligheid een belangrijke
rol. De veiligheid dient geoptimaliseerd
te worden, waarbij cameratoezicht geen doel op zich
dient te zijn, maar in bepaalde situaties
een prima middel kan zijn. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.5.6 Subjectieve of beleefde onveiligheid |
|
| |
Middels de inzet van meer toezichthouders in de openbare ruimte kan een einde
worden gemaakt aan de gevoelens van onveiligheid.
Belangrijk is ook om meer openbare verlichting
in te zetten ter bestrijding van
zogenaamde enge plekken. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.6 Middengebied tussen Sittard en Geleen |
|
| |
Zoals in de stadsvisie is vastgelegd dient het Middengebied tot een centrum
voor zorg, sport en ontspanning te worden
ontwikkeld. Verder is hier van belang de
aan het ziekenhuis gerelateerde gezondheidsboulevard
en de koppeling met concentratie van zorgaanbieders.
Tevens maakt de concentratie van aanbieders
van sport en ontspanning deel uit
van de ontwikkeling van het bedrijventerrein
Fortuna. Hier dient sterkte aan zwakte
gekoppeld te worden, door bij deze ontwikkeling
de relatie te leggen tussen het te ontwikkelen
Middengebied en verdere socialisering van
de wijk Sanderbout. Het GOB is tegen
ontwikkeling van detailhandel op bedrijventerrein
Fortuna, gelet op het belang van de ontwikkeling
van de beide stadscentra Geleen
en Sittard. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.7 Werkgelegenheid |
|
| |
Naast de grote bedrijven als DSM, Sabic, Chemelot (als beheerder van het bedrijfscomplex)
en NedCar, zijn in Sittard-Geleen diverse
middelgrote bedrijven gevestigd die een
belangrijke rol spelen in het kader van de werkgelegenheid
in de gemeente Sittard-Geleen en omgeving.
De stimulering van de werkgelegenheid
in deze bedrijven, maar zeker ook in het midden-
en kleinbedrijf, is zeer belangrijk voor
de verdere ontwikkeling van onze stad.
Een belangrijk rol van de gemeente is om voorwaardenscheppend
bezig te zijn. Bij de economische ontwikkeling
is het van groot belang aandacht te houden
voor het aantrekken
van bedrijven met
werkgelegenheid in diverse bedrijfstakken.
Daarnaast blijkt dat diverse bedrijven
bij hun kerntakendiscussie zich steeds meer concentreren
op vermindering van de arbeidsintensiviteit.
De scholing dient afgestemd te worden
op de toenemende vraag naar technisch hoog
gekwalificeerd personeel. Het project
“Beta in de techniek” dient een brede aanpak in het Limburgse
te krijgen.
Dit project richt zich dus op gekwalificeerde technische beroepsopleidingen. In algemene zin
dient meer aandacht te zijn voor onze
bedrijven middels een extra accent op het bedrijvencontactpunt,
als dienstverlening voor de
bedrijven. Dit geldt ook voor andere deelterreinen,
zoals de horeca. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.8 Auto-industrie en logistiek |
|
| |
Op het industrieterrein Holtum-Noord en rondom NedCar vinden belangrijke logistieke
ontwikkelingen plaats. In Holtum-Noord
maakt PLC I en II een sterke ontwikkeling
door en op het Industrie Park Swentibold is een groot
aantal toeleveringsbedrijven voor NedCar
gepland. De werkgelegenheid bij NedCar
dient een stevige verankering te krijgen. De gemeente
Sittard-Geleen dient tezamen met het Provinciaal
Bestuur alles in het werk te stellen om
de werkgelegenheid bij NedCar te behouden. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.9 Graetheide |
|
| |
De politieke groepering GOB is nog steeds van mening dat de overeengekomen ecologische
verbindingszone op het Graetheide-gebied
als minimumvariant gehanteerd dient te
worden. De leefbaarheid van de kern Graetheide verdient
hierbij grote aandacht. De 50dBA geluidscontour
dient bij een eventuele ontwikkeling als
uitgangspunt te worden genomen. Het GOB is van
mening dat er op dit moment nog voldoende
inbreidingsmogelijkheden zijn op het Chemelot-terrein.
Het thans lopende onderzoek naar
de functie van het Graetheidegebied in
de toekomst dient er in ieder geval toe
te leiden dat de positie van de gemeente Sittard-Geleen
ten opzichte van de provincie en Chemelot/DSM/Sabic
duidelijk wordt verankerd. Op grond van
de huidige omstandigheden kiest het GOB
voor het uitgangspunt Graetheide Groen. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.10 Natuur en landschap |
|
| |
In het kader van het behoud van natuur en landschap hecht het GOB grote waarde
aan de verdere ontwikkeling van landschapspark
De Graven, welk middels de hiervoor bedoelde
ecologische verbindingszone op het
Graetheide-gebied verbonden wordt met de
Grensmaas. Daarnaast zal ook de aandacht
gericht moeten blijven op de ontwikkeling
van het landschapspark Susteren, gelegen in het
noordelijk deel van het grondgebied van
onze gemeente. Het GOB hecht ook grote
waarde aan het behoud van de buitengebieden en zal
zeer kritisch zijn daar waar het gaat om
het opofferen van delen van het buitengebied
aan woningbouw of andere natuur- en landschapaantastende
activiteiten. Uitsluitend in het belang
van de leefbaarheid van de kleine kernen
is het oprekken van de grenzen voor woningbouw
bespreekbaar. Ook het schaarse groen in
het stedelijk gebied dienen we te koesteren
en waar mogelijk dient nieuwe groenaanleg te
worden gerealiseerd. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
4.11 Grensmaas |
|
| |
Het GOB is van mening dat in de huidige Grensmaasplannen onvoldoende rekening
is gehouden met de opvatting van de inwoners
ten aanzien van de leefbaarheid, zoals
lawaaioverlast ( 6 dagen per week, 12 uur
per dag ), een afdoende schaderegeling
etc. Daarom is het GOB er geen voorstander van
om in dit stadium medewerking te verlenen
aan de wijziging van het bestemmingsplan. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
5 SOCIAAL BELEID |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
5.1 Wet Maatschappelijke Ondersteuning |
|
| |
De Wet Maatschappelijke Ondersteuning kent een negental prestatievelden t.w.:
1. Het bevorderen van de sociale samenhang
en leefbaarheid
2. Op preventie gerichte ondersteuning
van jeugdigen met problemen
van ouders
3. Het geven van informatie en advies
4. Het ondersteunen van mantelzorgers
en vrijwilligers
5. Het bevorderen van de deelname aan
het maatschappelijk verkeer van
mensen met een beperking of een
chronisch psychisch probleem en van
mensen met een psychosociaal
probleem
6. Het verlenen van voorzieningen aan
mensen met een beperking of een
chronisch psychisch probleem
en van mensen met een psychosociaal
probleem
7. Bieden van maatschappelijke opvang
8. Bieden van openbare geestelijke gezondheidszorg
9. Bieden van ambulante verslavingszorg.
Over deze wet bestaat nog steeds veel onduidelijkheid.
De invoering van deze wet is tenminste uitgesteld tot 1 juli
2006. De uitvoering van de wet baart het GOB grote zorgen. In
afwachting van de nadere uitwerking van deze wet, hanteren wij
de volgende uitgangspunten. |
|
| |
<< Terug |
|
| |
|
|
| |
5.2 Mensen met een functiebeperking |
|
| |
Gemeentelijk dienen optimale omstandigheden gecreëerd te worden, om de belemmeringen
tot deelname van gehandicapten en chronisch
zieken aan het maatschappelijke verkeer
zoveel mogelijk weg te nemen middels
voorzieningen, toegankelijkheidsbevordering
en dergelijke. Voor deze doelgroep dienen,
door extra inspanning van gemeentewege,
extra kansen gecreëerd te worden, waarbij
“Agenda 22” van de Verenigde Naties leidraad
is. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
|
|
5.3 Senioren |
|
|
De aandacht voor de senioren dient niet alleen beperkt te blijven tot op de
doelgroep gericht woningbeleid. Zeker
zo belangrijk is het bieden van mogelijkheden tot recreatie,
ontspanning en beweging.
Wij denken voorts aan het realiseren van
trefcentra waar ouderen mogelijkheden worden geboden tot het
ontmoeten van leeftijdgenoten. Voor een verdere uitwerking wordt
verwezen naar de visie op wijkgericht werken, waarbij uitgangspunt
is de bundeling van krachten. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
5.4 Armoedebeleid |
|
| |
Nog steeds wordt door inwoners onvoldoende gebruik gemaakt van de financiële
vergoedingen voor de laagste inkomens.
Mogelijkheden voor bijzondere bijstand
worden onvoldoende benut. Het GOB vindt
dat niet alleen de voorlichting geïntensiveerd
dient te worden, maar dat tevens concrete
ondersteuning bij de aanvraag noodzakelijk
is. Dit geldt eveneens voor de aanvragen
voor kwijtschelding van gemeentelijke
belastingen. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
5.5 Maatschappelijke opvang |
|
| |
Het GOB is van mening dat de gemeenschap de sociaal-maatschappelijke verplichting
heeft om uitgeprocedeerde vluchtelingen
een maatschappelijk aanvaardbare opvang te geven tot het moment
dat daadwerkelijke
uitzetting aan de orde is.
Ook dient er een sociaal maatschappelijk
aanvaardbare opvang te zijn voor dak- en thuislozen. Echter
deze dient niet beperkt te blijven tot symptoombestrijding.
Het GOB is van mening dat het beleid gericht dient te zijn op
een structurele oplossing van de diverse individuele gevallen.
Ook voor de verslaafdenzorg geldt dat deze zich niet dient te
beperken tot de eerste opvang, maar dat er naar structurele
oplossingen gezocht dient te worden. Gedwongen afkickprogramma’s
wijzen wij niet op voorhand af. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
5.6 Prestatieafspraken woningcorporaties |
|
| |
Het GOB is van mening dat er prestatieafspraken moeten worden gemaakt met woningbouwcorporaties
over kwalitatieve en kwantitatieve woningbouwopgaves,
aspecten als woningtoewijzing, belangenorganisaties,
overheveling van
beheer van woonwagenlocaties en over
aspecten als leefbaarheid e.d. Corporaties
en gemeente hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid
ten aanzien van de leefbaarheid in de
wijken, kernen en dorpen in onze stad. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
5.7 Gezondheidszorg |
|
| |
Het GOB wil de komende raadsperiode het gezondheidsbeleid prominent op de agenda
zetten. Aspecten die daarbij aan de orde
komen zijn onder meer: de betrokkenheid van de huisartsen
bij het gemeentelijk
sociaal en gezondheidsbeleid, de verdere
functionele vormgeving van de gezondheidsboulevard, de verfijning
van de opdrachtgeverrol
van de gemeente aan de GGD, de fijnstofproblematiek
etc. Ook directe verwijzing van huisartsen naar gemeentelijke
programma’s
zoals meer bewegen voor jongeren en ouderen
e.d. zijn daarbij aan de orde.
Daarvoor is het noodzakelijk dat er een
structureel overleg van de grond komt tussen gemeente en vertegenwoordigers
van huisartsen in onze gemeente. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
6. SAMENWERKING OP (EU)REGIONAAL EN ZUID-LIMBURGS NIVEAU |
|
| |
De gemeente Sittard-Geleen is ontstaan als gevolg van een gebrek aan bestuurskracht.
Zowel de provincie als het rijk hebben
gemeend dat de bestuurskracht kon worden versterkt door het
samenvoegen van de voormalige
gemeenten Born, Geleen en Sittard. Een
bestuurskracht die de moeilijke (eu)regionale opgaven zou
kunnen brengen tot
goede oplossingen. Helaas is dit voornemen
niet bewaarheid, doordat de politici meer oog hadden voor
persoonlijke belangen,
dan voor de opgaven waar de stad voor
staat. Het GOB heeft zich steeds sterk gemaakt voor een krachtige
stad, die bij
haar ontwikkeling rekening houdt met
de belangen van de inwoners.
Overigens is de problematiek van
het gebrek aan bestuurskracht in meerdere gemeenten en regio’s
in Zuid Limburg aan de orde. Op dit moment zijn alle gemeenten
en regio’s dan ook bezig om zich te bezinnen over de samenwerkingsmodellen
voor de toekomst.
Het GOB onderscheidt bij die samenwerkingsdiscussie
drie niveaus t.w. strategische, tactische en operationele
samenwerking. De drie grote steden in Zuid Limburg, Maastricht,
Sittard-Geleen en Heerlen hebben een drietal thema’s benoemd
waarop zij willen samenwerken t.w. economie, mobiliteit
en sociale veiligheid. De landelijke gemeenten werken samen
in een zogenaamd Elsloo-overleg ter bevordering van de leefbaarheid
in die gemeenten. Samen vormen deze thema’s de strategische
agenda voor Zuid Limburg.
Op tactisch niveau wordt gekeken naar
grensoverschrijdende gebiedsontwikkeling, zoals de zogenaamde
Maasdal-zône, landschapsparkontwikkeling e.d.
En tenslotte op operationeel niveau
werken gemeenten samen op allerlei gebied, zoals brandweerzorg,
bestuurlijke handhaving van zware criminaliteit e.d.
Het GOB is van mening dat de inhoud
leidend moet zijn bij elke vorm van samenwerking en de samenwerkingsvorm
van ondergeschikt belang is. Voorwaarde daarbij is het behoud
van de democratische controle door de individuele gemeenteraden.
De laatste jaren is bovendien een
grote druk ontstaan om alle taken zo efficiënt mogelijk
te organiseren. Met minder geld meer doen is daarbij het
adagium. Daarvoor vindt vaker een organisatie op een grotere
schaal plaats, zoals de Omnibuzz, samenwerking op het gebied
van de gezondheidszorg (GGD), HALT, sociale dienstactiviteiten
e.d. Het GOB is daarbij van mening dat weliswaar sprake
kan zijn van een uitvoeringsorganisatie op de schaal van
Zuid Limburg, maar dat de opdrachtgeverrol van de individuele
gemeenten beter uit de verf moet komen. Daarvoor is het
noodzakelijk dat de gemeenten exact weten welke problemen
er spelen, zodat deze kennis kan worden omgezet in opdrachten
voor oplossingen. Met andere woorden geen algemene opdracht,
maar een maatwerk opdracht. In onze visie op wijkgericht
werken wordt hier de basis voor gelegd.
|
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
7. FINANCIEEL PERSPECTIEF |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
7.1 Financiële situatie verre van rooskleurig |
|
| |
De financiële situatie van de gemeente Sittard-Geleen is verre van rooskleurig.
Het financieel meerjaren perspectief
vertoont een oplopend tekort van ongeveer
13 miljoen euro per jaar. Neem daarbij
nog het hoge risico-profiel, zoals te
weinig geld voor onderhoud en vervangingsinvesteringen,
geld voor stedelijke ontwikkeling,
niet voldoende financiële ruimte voor
jaarlijkse investeringen ten behoeve
van leefbaarheid e.d., dan ontstaat een somber
financieel beeld van deze gemeente. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
7.2 Moeilijke keuzes voor het ambitieniveau van de stad |
|
| |
Daarom heeft het GOB voorgesteld om een externe commissie in te stellen, die
een basis moet leggen voor een discussie
in de gemeenteraad, waarop de komende jaren moet worden bezuinigd.
Inmiddels hebben
mevr. van de Vondervoort en professor
Korsten toegezegd in deze commissie zitting te nemen. Hun
opgave is een overdrachtsdocument
te maken voor de nieuwe gemeenteraad.
De nieuwe gemeenteraad staat voor moeilijke keuzes. Keuzes
die niet alleen het ambitieniveau
van de stad raken, maar ook de inwoners
direct kunnen raken. Het GOB zal daarbij primair de belangen
van de inwoners behartigen.
Wij zijn van mening dat ten behoeve van
een adequate bestuurskracht de provinciale en rijksoverheid
mede verantwoordelijk zijn
voor het invullen van de financiële randvoorwaarden.
Het overdrachtsdocument van de externe commissie zal ook die
ingrediënten moeten bevatten
om de andere overheden aan te spreken
op hun verantwoordelijkheid. Het GOB is van mening dat er
een gespecialiseerd subsidie
werfbureau bij de gemeente moet worden opgericht, dat tot doel heeft ook Europese subsidies te verkrijgen. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |
|
|
| |
7.3 Terughoudend belastingbeleid |
|
| |
Daarnaast blijft het GOB van mening dat de gemeente Sittard-Geleen een terughoudend
belastingbeleid dient te voeren. Het
minder teruggeven van belasting als gevolg
van het afschaffen van de gebruikersheffing
van de OZB is op de korte termijn acceptabel.
Het beleid zal erop gericht moeten zijn
om het niveau van de OZB zo laag
mogelijk te houden. Ten aanzien van de
belasting op dienstverlening, zoals rioolrechten,
afvalstoffenheffing en leges, is het GOB
van mening dat het kostenniveau omlaag
moet middels het efficiënter werken van
de gemeentelijke organisatie. Dan is het mogelijk
om de stijgende tarieven een halt toe
te roepen. |
|
| |
<<
Terug |
|
| |